Hier zijn we weer!

Neen, het heeft niets te maken met goede voornemens maar alles met ‘goesting’. Gisteren zijn we weer eens aan het meer (Lake Ontario) gaan wandelen. Winter of zomer, we vinden het daar altijd leuk. En na meer dan 3,5 jaar voelt het dan voor ons nog steeds aan alsof we op vakantie zijn.

De havengeul lag vol met ijs.
DSC05646

DSC05645

DSC05652

En de bootjes zijn mooi ingepakt:
DSC05648

Veel mensen hebben een hekel aan de ganzen (Ontario geese aka de grote Canadese gans) maar ik hou er wel van. Ze vliegen vaak boven ons huis op weg van hun rustplaats in de weien achter ons, naar het meer. Je hoort ze al aan komen vliegen door hun gekwaak. Soms zijn het kleine groepjes van slechts 5 ganzen, soms zijn het grotere groepen van wel 30 of meer ganzen!

DSC05656

DSC05657

De pier was erg ijzig, dus het was uitkijken geblazen. Maar het was prachtig!
DSC05655

DSC05659

Nog enkele sfeerbeelden:
DSC05649

DSC05651

DSC05664

Nadien wandelden we tot aan ons favoriete koffiehuis,The Green Bean, voor een dampende kop chocomelk. We hadden gelukkig nog een plaats aan het raam en zo konden we ook genieten van de ijspiste die de BIA (organisatie van handelaars in Downtown Oakville) dit jaar voor de eerste keer opgezet heeft. Rond kerstmis staat er op dat plein ook altijd een prachtige kerstboom. Ik leen even een prent van het internet om je een idee te geven:
Woodley5resized
(bron: http://thesheridansun.ca/oakville-residents-gather-to-celebrate-christmas-tree-lighting-ceremony/)

Met rode wangen (van de kou en nadien de warmte) en met een voldaan gevoel reden we nadien weer naar huis. We hadden het ons nooit kunnen voorstellen dat we het zo leuk vinden om dicht bij ‘het water’ te wonen!

Santa Claus Parade

In tegenstelling tot de US, waar het overmorgen gevierd wordt, hebben wij hier in Canada Thanksgiving al achter de rug. Dus de gekte rond Kerstmis kan losbarsten. Sommige mensen hebben hun huis al een week of 2 geleden helemaal versierd met lichtjes en ornamenten. “Omdat het nu nog niet zo koud is”, hebben ze wel eens als excuus. Maar waarom steken ze die stekkers dan toch elke avond in? Waarschijnlijk om te testen of de lichtjes nog wel werken. 😉
Zelf vind ik heel de sfeer rond kerst echt wel heerlijk hoor: warmte, gezelligheid, lichtjes, familieavonden, warme  chocomelk, leuke decoraties,… Maar toch hou ik voorlopig mijn principe aan dat ik in november echt nog niets uit de dozen met kerstdecoratie haal. Ter compensatie heb ik al wel leuke kerstservetten gekocht. Maar die zitten nog even in de schuif dus.

Zaterdag was er hier in Oakville de traditionele Santa Claus Parade. Elk zichzelf respecterend dorpje of stad heeft zo’n jaarlijkse parade. Het thema is kerstmis, het begin natuurlijk zoals wel vaker met parades in Noord-Amerika met de brandweer, en de laatste wagen is natuurlijk Santa Claus in hoogst eigen persoon. Maar tussenin heb je dus allerlei groepen uit de community die zich hier komen laten zien, gaande van de diverse high schools, humane society, kerkelijke groepen, scouts, home builders, marching bands, sportclubs, de vrijmetselaars en zo verder.
Onze zoon moest om 7.30am al van de partij zijn, want zij hadden met hun Robotics groep ook een afvaardiging. En hij ging snoep uitdelen aan de kindjes die langs het traject staan. Het is hier trouwens verboden om snoep zomaar weg te smijten, je moet het in de handen van de kinderen leggen.

Nadat ik Dario afgezet had, ben ik Erwin op gaan halen, hebben we nog samen wat gegeten, en gingen we op pad: eerst zijn auto wegbrengen naar een gespecialiseerde garaga die de auto een speciale oliebehandeling geeft om zo het koetswerk beter te beschermen tegen het inwerken van het zout dat hier in de winter gestrooid wordt. En dan op weg naar de Parade die om 9am begon. We hebben geparkeerd op de parking van een van de high schools die vlak bij het parcours ligt. Men vroeg een vrijwillige bijdrage van $5 voor de Salvation  Army, dus dat hebben we met veel plezier betaald.
Ook in de parade zelf worden de goede doelen onder de aandacht gebracht. Zo ging de brandweer rond om speelgoed op te halen om nadien te bedelen aan minderbedeelden in de gemeenschap. Er werden ook van die rode neuzen verkocht voor een of ander goed doel, en de Foodbank ging ook rond want er was vooraf opgeroepen dat je niet bederfbare voeding mee kon brengen om af te geven. We hebben ons trouwens voorgenomen om in de week voor kerstmis een leuk pakketje samen te stellen in de winkel, zodat we een gezin in de streek ook een feestelijke kerstavond kunnen bezorgen wat eten betreft.

Het weer was echt nog schitterend, met een stralende zon. En de sfeer zat er goed in. ‘k Heb heel wat foto’s gemaakt, zodat Dario achteraf ook kon zien wat er allemaal te zien was. Want als je meeloopt, dan zie je niet veel van de rest he. Het is immers een grote stoet, er waren meer dan 50 groepen!

Hier volgen wat sfeerbeelden. En ik start natuurlijk met onze zoon en de wagen van hun club:

Art in the Park

Gisteren was het hier in Ontario een ‘civic holiday’. Deze valt op de 1ste maandag van augustus. ’t Is een beetje een rare verlofdag, in die zin dat niet alle provincies deze erkennen, en dat sommige provincies de dag wel erkennen maar de werkgevers zijn dan niet bij wet verplicht om de dag ook effectief toe te kennen aan de werknemers. In ieder geval had Erwin verlof.

Voor de 46ste keer al weer organiseert de Oakville Art Society op die dag “Art in the Park”. Dit is werkelijk een heel groot succes, want maar liefst 150 artiesten stellen hun werk die dag tentoon. Als je dan weet dat er al jaren een ellelange wachtlijst is, dus dat er eigenlijk veel meer artiesten mee willen doen…
De locatie is schitterend: Coronation Park. Een van de vele parken langs Lake Ontario. Elke artiest krijgt een eigen tentje:

(klik op de foto’s om ze in groot formaat te zien)


Links dus de tentoonstellingsweide, rechts ligt het meer. En ja, we hebben hier nog altijd een schitterende zomer, gisteren noteerden we een gevoelstemperatuur van 34 graden met een warme wind. (vandaag halen we de 40, puf puf puf).
Er staan echt diverse soorten artiesten: ceramiek, foto’s, juwelen, houtbewerking, schilderijen, sculpturen, tekeningen, glaswerk,…
Serieuze dingen, maar ook gekke dingen:

Er zijn dus geschoolde artiesten, maar ook hobbyisten. Voor elk wat wils.

Dario had nog geen 10 stappen gezet toen hij al onmiddellijk getroffen werd door het werk van een lokale jonge artiest, Alex Dabic 
Hij had diverse werken bij, maar deze, die in hout gebrand zijn met een soldeerbout, spraken ons wel aan als zijnde heel speciaal:


Dario heeft dus “Tony”gekocht, het werk dat je hier helemaal onderaan kan zien:
http://alexdabic.blogspot.com/2011/05/playing-with-fire.html
Detail: dit was het eerste werk dat hij maakte met zijn soldeerbout. Hij vertrekt van een foto van de vogel, plaatst wat grove lijnen op het hout, en begint dan te branden.
Sympathieke kerel! Hij zit in zijn voorlaatste jaar van de Bachelor of Fine Arts opleiding aan de York University.

Zelf keken we rond met in ons achterhoofd een plaatske in onze living waar we graag een uniek kunstwerk willen hangen:

Op de linkermuur, boven de zetel, zoeken we iets. Iets modern met veel kleur.
(tussen haakjes: dit is dus ons nieuwe salon en de plant die we zaterdag gekocht hebben. Kwaliteit van foto laat te wensen over, maar zo heb je al een ideetje.)

We zijn een aantal artiesten tegen gekomen die wel in onze stijl werken, dus hun tentoonstellingen zullen we zeker verder opvolgen:
Erwin zijn favoriet is Susan Lapp  , een artieste uit Guelph.

Haar stijl ligt me ook wel, maar ik wil toch meer leven in de kleuren zien. Dus in plaats van naar het acryl op canvas te gaan zoals op de foto hier boven, geef ik de voorkeur aan haar ‘mixed media’ werk:
(even stelen van haar website):

Ongelooflijk fascinerend qua kleurwerk vond ik het werk van Jon Jarro 

Weer een acryl schilderij. En wat een kleuren!!!
Hij had ook een prachtig 3-luik hangen uit dezelfde serie. Zeker ook iemand om op te blijven volgen. Het linkse schilderij zou ik zo gekocht hebben, maar er hing een prijskaarte van $ 8,000 aan… Vandaar dat we dus nu nog maar op verkenning zijn.

Verder heb ik ook nog een tijd stilgestaan bij enkele houten sculpturen die Davoud Khosravi gemaakt heeft.
Ik realiseer me nu dat ik daar geen foto van gemaakt had. Maar op langere termijn is een sculptuur zeker ook nog iets waar ik ook naar op zoek wil gaan.

En sinds ik kennis gemaakt heb met de glascollectie van het Victoria & Albert Museum in Londen
en het werk van Dale Chihuly  heb ik dus ook echt een passie voor glas.
Als je niet weet wie deze man is, dan weet ik zeker dat bij een aantal lezers van mijn blog het franske wel gaat vallen als ze deze foto zien:

Het is de man die o.a. voor een kleurrijp plafond zorgde in het Bellagio Hotel in Las Vegas. 😉

Nadien hebben we nog wat gewandeld door het oude Oakville (een deel van de wandeling die ik eerder deze week ook gemaakt heb), en zijn we lekker gaan smullen in The Green Bean  in Oakville. Het lekkerste koffiehuis in de regio! Dario had een ijsje (lemon), Erwin had weer een van hun verrukelijke gebakjes. En ik had een meergranenboterham met brie, honing en appel. Hmmmm!

Ons uitstapje was weer geslaagd. En we zijn het er unaniem over eens: volgend jaar gaan we weer naar Art in the Park! Zelfs Dario, die aanvankelijk niet mee wou gaan omdat hij dacht dat het maar “saaie boel” ging zijn. 😉

Het oude Oakville: Heritage Conservation District

Vandaag ben ik dus mijn wandeling door ‘historisch Oakville’ gaan verder zetten waar ik die dinsdag onderbroken had nadat ik mijn verrassende ontmoeting met Jean had, na welgeteld 200 meter wandeling en 1 historisch gebouw.

Ook Chris en Liliane waren vandaag van de partij. Ze hadden hier ook al wel eens eerder gewandeld, maar ik zal maar denken dat ze het leuk vonden om het nog eens in mijn gezelschap te doen. 😉

Natuurlijk heb ik niet al de huizen gefotografeerd, dat zijn er tientallen. Maar hier volgt een fotoverslagje dat je een indruk geeft van hoe leuk deze buurt is. De huizen zijn gelegen aan smalle straten die in een dambordpatroon lopen en afgezoomd zijn met hoge bomen. Het is een heel mooie buurt, gelegen aan het meer, netjes verzorgd met leuke tuintjes en huizen die dateren van in de beginjaren tot vrij recent. Op een warme dag is het leuk kuieren onder de bomen, en er rijdt amper een auto.

Ik ben blij dat de Oakville Historical Society zo aktief geweest is hier, zodat ze er in geslaagd zijn om een deel van het oorsponkelijke Oakville te beschermen en het de toewijzing laten krijgen van “Heritage Conservation District”, waardoor de originele architectuur van die begindagen behouden zal blijven.

Wist je trouwens dat de naam ‘Oakville’ in de beginjaren van 1800 gekozen is voor deze plaats omdat er ontzettend veel eikenbomen stonden? En omdat ze op die manier ook hulde brachten aan de stichter van de stad, William Chisholm, omdat zijn bijnaam “The White Oak” was?

Eerste stop was het Murray House op 75 Navy Street. “Canadian Hotel”

Dit gebouw werd gebouwd in 1857 en diende als overnachtingsplaats voor de steeds groter wordende groep bezoekers aan de stad. Het is opgetrokken in rode kleibaksteen uit Ontario. Er waren 21 kamers die niet eens 2 x 2 meter groot waren! Verder waren er 4 salons, waar de gasten konden zitten.

^^^^^

Volgende stop was het “John and Thomas Sweeney” gebouw, uit 1834.

Deze twee broers waren houtbewerkers die boten bouwden. Zoals heel veel van de inwoners van Oakville in die tijd.
Dit huis is een mooie illustratie van wat men qua opbouw een ‘centre hall Georgian plan” noemt, iets wat hier typisch was tijdens een groot deel van de 19de eeuw. De deur in het midden met een glasrij er boven zodat er lichtinval was in de hall, en dan de ramen symmetrisch in de rest van de voorgevel. Soms met veel versiering, soms vrij basic. Dat was afhankelijk van het geld dat de eigenaar aan die opsmuk kon spenderen.

Aanvankelijk was dit een houten huis, maar rond 1850 werd het –zoals veel houten huizen uit die tijd- voorzien van stucco omdat dit meer duurzaam was en dus minder onderhoud vereiste.

^^^^^

308 Williams Street: “The Rose Cottage”, ca. 1850

Dit was het huis van Isaak Clarke, een schrijnwerker/meubelmaker. Tegen 1905 was het in handen van de familie Rose. Vandaar die naam.

^^^^^

295 King Street: Justus Williams, ca. 1850

In 1831 kwamen Justus Williams en zijn echtgenote naar Oakville, waar ze een ijzerwarenwinkel begonnen. Ze verkochten er ook droge voeding en medicijnen. Omstreeks 1850 betrokken ze het bovenstaande huis.

Justus was lid van de Methodistenkerk, maar was ook werkzaam in wat je wel een voorloper van de AA (anonieme Alcoholisten) kan noemen. Hij was een van de voortrekkers die er voor zorgde dat in 1843 de eerste ‘Temperance Hall’ van Ontario in Oakville gebouwd werd. De klemtoon lag meer op ‘matigheid’ dan op geheelonthouding. Daar waar ze aanvankelijkrijde trokken tegen whiskey, brandy en rum, viseerden ze nadien ook nog cider en bier. Ze werden ook wel eens de “damned cold water society” genoemd.

Justus stond aan het hoofd van Oakvilles eerste “Board of Health” in 1843, hij was ook betrokken bij de lokale school en werd vice-president van de mekaniekersschool voor volwassenen, waar ook een bibliotheek aan verbonden was. Ook fungeerde hij als Vrederechter, en de penningmeester van de stad vanaf 1857 tot aan zijn dood in 1875. Deze man heeft dus best wel wat betekend voor het toenmalige Oakville.

^^^^^

Dit huis heeft geen plaque van de Oakville Historical Society aan zijn deur hangen maar ik vond het wel mooi:

Er staan wel meer van die statige woningen in de buurt.

^^^^^

Maar er staan dus ook heel kleine huisjes, zoals het huis aan 212 King Street, The James Kelley House (smid), 1860

In de jaren 1840 kwam James Kelley zich als smid in Oakville vestigen. Zijn gezinswoning werd gebouwd rond 1860 en kreeg nadien nog een aanbouw.

Lang lang geleden leefden in dit huis ook nog de grootouders van de Canadese auteur Farly Mowat (°1921), die vooral gekend is voor de romans die hij schreef over het leven in het Canadese noorden. Maar vooral van het boek “Never Cry Wolf” dat nadien door Disney verfilmd werd.

^^^^^

Ook passeerden we deze keer weer aan het Thomas House (1829) dat men verplaatst heeft naar Lakeside Park, naast het oude postkantoor.

Oude Postkantoor (1835)

Dit postkantoor stond vroeger op de hoek van Navy Street en Lakeshore Road. Het werd in 1835 gebouwd voor William Chisholm, de eerste postmeester, en zijn assistent Robert Kerr Chisholm.
Tot 1856 was dit postkantoor in gebruik, nadien deed het achtereenvolgens dienst als smidse, bouwschuur voor een boot, houtopslagplaats en opslagplaats van de lokale leerlooier.
In 1952 heeft de Chisholm familie het stuk grond waar nu Lakeside Park is aan de gemeente geschonken, en Mrs. Hazel Mathews (iemand die ook een grote rol heeft gespeeld in de bescherming van Oakvilles historische monumenten) heeft er voor gezorgd dat het oude gebouw gesloopt werd, en heeft het over laten brengen naar het park. Momenteel zijn ze het gebouw volop aan ’t restaureren.

De naam Chisholm zal je in de loop van de geschiedenis heel veel tegen blijven komen in Oakville. Deze familie is zeer nauw verbonden met de groei van de stad en is ook tegenwoordig nog steeds aanwezig. Maar daarover zou ik later wel eens een blogpost kunnen schrijven, als ik me wat meer ingelezen heb over deze familie.

In “The Thomas House” tref je tijdens de zomermaanden vaak een vrijwilliger van de Historical Society die je vriendelijk zal uitnodigen om een kijkje te nemen in het huis. Ik deed dit nu voor de 2de keer, en telkens krijg je toch nog andere aspecten te horen, wat ik wel fijn vind, want zo leer je elke keer weer iets bij.

Dit huis stond aanvankelijk aan de boerderij van Merrick Thomas (aan Lakeshore Rd, waar nu St. Jude’s begraafplaats is, en de St. Thomas Aquinas High School). De Historical Society kocht het gebouw in 1955 en verhuisde het originele deel van de boerderij naar de site in Lakeside Park, waar het nu staat.

Het is een mooi gerestaureerd gebouwtje, en je kan je moeilijk inbeelden dat hier ooit een gezin met 7 kinderen leefde. Nou ja, niet helemaal: de tweelingdochters zijn gestorven bij de geboorte, en hun andere dochtertje overleed toen ze 2 jaar was. Dus eigelijk leefden ze hier vooral met hun 4 zonen. Maar dan nog! Het huisje heeft 2 kamers, waarvan 1 slaapkamer.

We hadden inmiddels al wat afgewandeld, en besloten om tot aan Lakeshore Road te gaan om bij The Second Cup iets te gaan drinken. En je weet nooit wat er toen gebeurde!…
We botsten terug op Jean! Die kwam  nietsvermoedend weer buiten gestapt om een van zijn zovele dagelijkse wandelingetjes te gaan doen, en hij keek dus vol verbazing naar het gezelschap dat plots de straat over stak in zijn richting. 🙂

De onvermijdelijke Canadese ganzen: